ANNE KOSTER

Al op zesjarige leeftijd begon Anne Koster (geboren op 24 januari 1944) met toerfietsen. Toen hij zeven jaar was reed hij al toertochten van ruim honderd kilometer. In 1959 werd hij lid van de LWV De Friesche Leeuw. In dat jaar reed hij drie wedstrijden bij de adspiranten. De eerste wedstrijd was in het Groninger Leermens en hij werd zevende. Een jaar later ging hij maar liefst achttien keer als eerste over de meet. Opvallend was de zege in Zuidhorn, waar hij als adspirant de amateurs gedecideerd achter zich liet. In zijn eerste nieuwelingenseizoen ging Koster zeven maal als eerste over de meet en als eerstjaars amateur wist de Leeuwarder twaalf maal te zegevieren. In 1962 werd hij te Hoogkerk kampioen van het Noorden op de hometrai- ner. Op zeventienjarige leeftijd werd Koster lid van de Zaanse club DTS (Door Training Sterk) en reed in de sterke Peugeot-formatie van ploegleider Joop Stoop, met kleppers als Tiemen Groen, Harrie Jansen, Harm Ottenbros, Cees Stam en Piet de Wit. In het nationale Vredestein-Wielersport-klassement over 1966 eindigde hij als tweede, achter Harm Ottenbros, maar vóór Leo Duijndam. Een opmerkelijke prestatie, vooral omdat die tweede plaats met slechts criteriumsuccessen is behaald. In 1967 behaalde hij op 23-jarige leeftijd in de Ronde van Holten zijn honderdste overwinning. Koster reed ook nog voor de Kroon-formatie van ploegleider Henk van der Borg. In 1972 werd hij weer lid van een Friese club (Otto Ebbens), zodat hij weer mocht starten in de Friese kampioenschappen. Zes maal werd hij daarna kampioen van Friesland op de weg: amateurs 1972 (Leeuwarden); amateurs 1976 (Kloos- terburen); amateurs 1977 (Oudemirdum); amateurs 1982 (Nieuweschans); amateurs 1984 (Eenrum); veteranen 1991 (Zuidwolde). Gedurende zijn lange wielercarrière, die tot en met het seizoen 1991 duurde, won de Leeuwarder buschaffeur meer dan tweehonderd wedstrijden. In de Ronde van Veenhuizen werd hij in 1972 voor de 200ste keer als overwinnaar gehuldigd. Zijn topjaar was 1973 toen hij maar liefst 27 wedstrijden won. "De eindsprint was mijn sterke punt en daardoor pakte ik vaak de bloemen", verklaarde hij zijn successen. Profambities heeft hij nooit gehad. Volgens hem woonde hij daarvoor in het verkeerde deel van het land. "Je moet in Brabant wonen of in België. Daar hoef je geen lange trainingsritten te maken, want er zijn daar wedstrijden genoeg. En er is ook geld te verdienen", stelde Koster. Waardebonnen, die vroeger als prijs werden uitgekeerd, beschouwde hij als "moeilijk hanteerbaar geld". Koster heeft wel eens uitgesproken dat hij onmiddellijk met wielrennen zou stoppen als hij er niet beter van zou worden. Hij mengde zich dan ook dikwijls in de premiesprints voor vette prijzen. De eer van de overwinning ging echter voor alles. In 1987 ontving Anne Koster uit handen van gedeputeerde Hannie Bruinsma-Kleijwegt de provinciale Sport-wisselprijs vanwege zijn langdurige wielercarrière op topniveau. "Omdat je vaak als eenling het wielrennen in Friesland levend hebt gehouden", aldus de gedeputeerde.